seksuele_levensloop

De seksuele levensloop

Lichaamsbeeld

  • Samenvatting

    Vanaf een jaar of 2 kunnen peuters goed verschillende lichaamsdelen benoemen, waaronder de geslachtsdelen. Vanaf een jaar of 6 kunnen kinderen ontevreden zijn over hun lichaam. Meisjes willen meestal dunner zijn, jongens groter. Tijdens de puberteit zorgt de toename van lichaamsvet bij meisjes voor stijgende ontevredenheid met het lichaam. Jongens groeien in de puberteit juist toe naar het schoonheidsideaal, en worden dan ook soms tevredener. Vanaf 14 jaar wordt de groep die zichzelf aantrekkelijk vindt groter, zowel onder jongens als onder meisjes. Vooral meisjes zijn op deze leeftijd veel met hun uiterlijk bezig. Tussen de 19 en 39 jaar vindt ruim de helft van de mannen en vrouwen zichzelf aantrekkelijk. Na een zwangerschap is er een piek in ontevredenheid over het lichaam bij vrouwen. Vanaf 40 jaar gaat het lichaam vooral bij vrouwen steeds minder lijken op het schoonheidsideaal. Maar de maatschappelijke druk op een mooi uiterlijk neemt dan ook af. Zelfvertrouwen wordt minder sterk verbonden met het uiterlijk en meer met wat iemand bereikt heeft. Seksuele activiteit en seksuele beleving hangen samen met een positiever lichaamsbeeld.

  • Conceptie t/m 5 jaar

    Vanaf een jaar of 2 kunnen peuters goed verschillende lichaamsdelen benoemen. Dat geldt ook voor de geslachtsdelen. Op deze leeftijd weten de meeste kinderen nog niet dat deze ook een seksuele functie hebben. Met de ontwikkeling van het zelfbeeld vanaf een jaar of 2 komt ook de ontwikkeling van het lichaamsbeeld op gang. Peuters en kleuters zijn zich nog niet zo bewust van sociale normen rondom uiterlijk of van hoe anderen hen zien. Daarom is ontevredenheid over het eigen uiterlijk op deze leeftijd erg ongebruikelijk.

  • Kindertijd (6 tot en met 11 jaar)

    Kinderen worden zich bewust van de mening van anderen en gaan zichzelf met anderen vergelijken. Daardoor kunnen ze al vanaf een jaar of 6 ontevreden zijn over hun lichaam. In groep 6 (9 of 10 jaar) heeft 8% van de jongens en 14% van de meisjes een negatief zelfbeeld. Meisjes willen meestal dunner zijn, jongens groter. Een negatief lichaamsbeeld op deze leeftijd is een belangrijke voorspeller van latere ontevredenheid over het lichaam en eetproblemen. Bij kinderen met een chronische ziekte of beperking kan een afstandelijke lichaamsbeleving ontstaan. Dit komt doordat ze zich door de overdaad aan medisch-lichamelijke aandacht en functionele aanraking een soort object gaan voelen.

  • Vroege adolescentie (12 tot en met 14 jaar)

    De toename van lichaamsvet zorgt bij meisjes voor stijgende ontevredenheid met het lichaam. Jongens groeien in de puberteit juist toe naar het schoonheidsideaal. Na soms een korte dip rond het begin van de puberteit, worden zij daarom tevredener over hun lichaam. De mate waarin jongeren ontevreden zijn over hun lichaam heeft niet zoveel te maken met of ze echt te dik of te dun zijn. Jongeren kunnen zich ook zorgen maken over het uiterlijk van hun geslachtsdelen. Bijvoorbeeld of de penis wel groot genoeg is en of de schaamlippen juist niet te groot zijn.

  • Midden adolescentie (15 tot en met 18 jaar)

    De mate waarin jongens en meisjes zichzelf te dik of te dun voelen blijft vrij constant na het 14e jaar. 47% van de 16-jarige meisjes en 20% van de jongens vindt zichzelf te dik. 18% van de jongens en 9% van de meisjes vindt zichzelf te dun. De groep die zichzelf aantrekkelijk vindt, wordt wel groter, zowel onder jongens als onder meisjes. Vooral meisjes zijn op deze leeftijd veel met hun uiterlijk bezig. Meisjes met een Marokkaanse, Turkse, Surinaamse of Antilliaanse achtergrond hebben een positiever lichaamsbeeld dan autochtone Nederlandse meisjes. Daarnaast spelen ouders, leeftijdsgenoten en beelden in de media een rol. Meisjes en vrouwen met een verleden van seksueel misbruik hebben vaak een minder positief lichaamsbeeld.

  • Late adolescentie (19 tot en met 24 jaar)

    Deze leeftijdsgroep is steeds meer tevreden over het eigen lichaam. Onder 19- tot 24-jarigen vindt ruim de helft van de jongens en de meisjes zichzelf aantrekkelijk. Toch bestaan er zorgen over het lichaamsbeeld van meisjes en hun behoefte om hier door middel van cosmetische chirurgie iets aan te laten veranderen. Dit heeft te maken met de toename van schoonheidsidealen in de media en de verhoogde beschikbaarheid van plastische chirurgie. Helaas zijn er voor Nederland geen cijfers beschikbaar die deze zorgen kunnen bevestigen of ontkrachten. Dit komt omdat cosmetische ingrepen hier niet geregistreerd worden. Er kan dus niet met zekerheid gezegd worden of deze zorgen al dan niet terecht zijn.

  • Volwassenheid (25 tot en met 39 jaar)

    De helft van de mensen van 25 tot en met 39 jaar vindt zichzelf best aantrekkelijk. De lichamelijke veranderingen tijdens de zwangerschap kunnen hier wel invloed op hebben. 1 op de 8 vrouwen is dan tevredener over haar lichaam, vooral als de zwangerschap goed te zien is. Een kwart vindt zichzelf tijdens de zwangerschap juist minder aantrekkelijk. Soms hebben zij daardoor minder vaak seks. Ook mannen kunnen wisselend staan tegenover het veranderende uiterlijk van hun vrouw. Na de zwangerschap is er een piek in ontevredenheid over het lichaam bij vrouwen. Dat gaat vooral over het gewicht, maar ook over zwangerschapsstrepen of slappere huid en borsten.

  • Midlife (40 tot en met 54 jaar)

    Vooral bij vrouwen gaat het lichaam steeds minder lijken op het schoonheidsideaal. De huid wordt ouder, het haar wordt grijzer, soms komen er zichtbare lichamelijke gebreken. Er is een toename van lichaamsvet en een andere vetverdeling. Vrouwen nemen vaker maatregelen om veroudering te verbergen of tegen te gaan dan mannen. Toch neemt een deel van de maatschappelijke druk op een mooi uiterlijk af met het ouder worden. Ook is hun zelfvertrouwen minder sterk verbonden met hun uiterlijk en meer met wat ze bereikt hebben. Seksuele activiteit lijkt samen te hangen met een positiever lichaamsbeeld. Over veranderingen in het lichaamsbeeld van mannen in deze levensfase is veel minder bekend.