Interview | Niels Geul, wijkverpleegkundige

Op een zonovergoten dag ontmoeten we Niels Geul, wijkverpleegkundige in Amsterdam. Hij studeerde HBO-V en in zijn studie was de aandacht voor seksualiteit beperkt. Er was geen vak dat er aandacht aan besteedde, en het thema werd dan ook niet gemist. In de praktijk is hij pas meer te weten gekomen over de manieren waarop mensen in de zorg hun behoeften aan of zorg over seksualiteit uitten. Dat gezegd hebbende, is het geen onderwerp dat in zijn werk vaak aan de oppervlakte komt, en in zijn werkveld is dit volgens hem wel te verklaren. Hij vertelt dat er twee primaire groepen zijn die zorg vragen in de wijkverpleging: mensen die kortdurend zorg behoeven en mensen met een chronische zorgvraag.

"De ene groep wordt bij ons aangemeld met bijvoorbeeld een botbreuk, wond of iemand die herstellende is van een operatie. Vragen over seksualiteit zijn hier volgens mij minder relevant, na een paar weken zijn ze weer uit de zorg”. Bij de tweede groep met een chronische zorgvraag ligt het anders. “Wanneer iemand bijvoorbeeld een dwarslaesie heeft of bepaalde medicijnen slikt kan dit gevolgen hebben voor zijn/haar seksualiteit. Bij deze groep worden vragen over seksualiteit relevanter. Er zijn vaak veel verschillende instanties betrokken bij deze persoon. Er is niet afgestemd wie dit onderwerp bespreekt.”

Niels denkt dan ook dat in de wijkverpleging vaak wordt aangenomen dat een arts het bespreekt, en wat ook mee speelt, hoe cliché ook, is dat er vaak weinig tijd is in de zorg. “Als verpleegkundige wil je in een beperkte hoeveelheid tijd zoveel mogelijk te weten komen over de persoon die zorg nodig heeft. Er zijn allerlei dingen die je moet vragen waardoor je selectief moet zijn. Vragen over seksualiteit schieten er dan vaak bij in.” Het is hem ook welbekend dat er onder het kopje seksualiteit “niet van toepassing” wordt genoteerd. Een goed voorbeeld waarin je het vooraf wel met iemand moet bespreken, vindt Niels, is wanneer er een katheter wordt aangebracht. Hiervoor zijn verschillende mogelijkheden, maar aan ouderen wordt vaak een verblijfskatheter gegeven. Zo’n katheter bemoeilijkt seks hebben of intiem zijn, terwijl er dus ook nog andere opties zijn.

Laat ik voorop stellen dat ik het belangrijk vind dat er meer aandacht voor seksualiteit komt. Mensen zijn het niet gewend hierover te spreken, maar ik ben er van overtuigd dat het ook het verpleegkundige proces ten goede komt. 

Niels Geul 
Wijkverpleegkundige  

“Laat ik voorop stellen dat ik het belangrijk vind dat er meer aandacht voor seksualiteit komt. Mensen zijn het niet gewend hierover te spreken, maar ik ben er van overtuigd dat het ook het verpleegkundige proces ten goede komt.” Volgens Niels kan beleid een positieve bijdrage leveren om meer aandacht en actie te realiseren. Wat hier lastig aan is, aldus Niels, is ondanks de verankering in beleid seksualiteit nog steeds een grote hoeveelheid emotionele intelligentie vraagt van de persoon in kwestie. Deze persoon moet in het moment zelf de afweging maken of hij/zij het gepast en noodzakelijk vindt om te vragen, en of hij/zij het dan vervolgens durft te doen is nog een tweede. Training kan hierbij helpen, maar uiteindelijk moet iemand het zelf in de praktijk gaan toepassen. Na dit interview zal ik de eerstvolgende keer dat ik een signaal observeer wel sneller het gesprek aangaan. Dit bewijst ook maar weer dat het thema op het netvlies van mensen krijgen heel belangrijk is.

Na dit interview zal ik de eerstvolgende keer dat ik een signaal observeer wel sneller het gesprek aangaan. Dit bewijst ook maar weer dat het thema op het netvlies van mensen krijgen heel belangrijk is.

Niels Geul 
Wijkverpleegkundige  

Reacties