Zoeken

Kennis anticonceptie en onbedoelde zwangerschap

Wat moet je weten om als professional onbedoelde zwangerschappen te helpen voorkomen?

Anticonceptiemethoden

Er is een ruime keuze in anticonceptiemethoden, met elk hun eigen eigenschappen. De pil en het condoom zijn vaak bekend, maar andere methoden soms minder.

  • De anticonceptiepleister en de anticonceptiering bevatten dezelfde hormonen als de (combinatie)pil, namelijk oestrogeen en progestageen. De minipil bevat alleen progestageen. Al deze methoden zijn kortwerkend; er moet regelmatig gedacht worden aan gebruik.
  • De prikpil, het hormoonstaafje en het hormoonspiraaltje werken langer en zijn daardoor minder makkelijk te vergeten. Deze methoden bevatten alleen het hormoon progestageen.
  • Er is ook een spiraaltje zonder hormonen: het koperspiraaltje. Methoden zonder hormonen zijn verder het mannencondoom, het vrouwencondoom en het pessarium (met zaaddodende pasta). Alleen het mannen- en het vrouwencondoom beschermen ook tegen soa’s.
  • Er worden ook zogenoemde ‘natuurlijke methoden’ gebruikt om zwangerschap te voorkomen: terugtrekken voor het klaarkomen, periodieke onthouding (al dan niet zonder hulpmiddelen) en borstvoeding geven als anticonceptiemethode.

Voor periodieke onthouding moeten de dagen worden bepaald waarop er kans is op een zwangerschap bij penis-in-vagina seks. Dit kan op basis van de cycluslengte, lichaamstemperatuur, vaginale afscheiding, hormonen in de urine, de stand van de baarmoedermond of een combinatie van factoren. De betrouwbaarheid van deze methoden wisselt sterk en is afhankelijk van het aantal factoren dat gemeten wordt en een goed en consequent gebruik. Daarnaast is medewerking van de sekspartner nodig om tijdens de vruchtbare dagen af te zien van seks of een condoom te gebruiken.

Hier download je meer informatie over natuurlijke methoden.

In dit overzicht staan de anticonceptiemethoden met hun eigenschappen.

Naar materiaal en advies Anticonceptie

Gebruik van anticonceptie

  • De pil is nog steeds de meest gebruikte methode door vrouwen. Het pilgebruik is het hoogst onder de 20 jaar en neemt af in de oudere leeftijdgroepen. Een spiraaltje wordt meer gebruikt in de oudere dan de jongere leeftijdsgroep (Seksuele Gezondheid in Nederland, 2017).
  • Van de meiden tot 25 jaar die ervaring hebben met geslachtsgemeenschap gebruikt 87% een anticonceptiemethode. De helft van de seksueel ervaren meisjes gebruikt de pil en nog eens 14% gebruikt de pil in combinatie met condooms. Met 64% ligt het pilgebruik onder meiden 10% lager dan in 2012. Het gebruik van een spiraaltje is gestegen van 5% naar 11%. Negen procent gebruikt alleen condooms en ruim 3% gebruikt een andere methode, bijvoorbeeld de prikpil, het anticonceptiestaafje of de anticonceptiering (Seks onder je 25e, 2017).
  • De meest genoemde reden voor seksueel ervaren meiden om geen anticonceptie te gebruiken, is dat ze de laatste tijd geen geslachtsgemeenschap hebben. Bijna een derde van de 21- tot en met 24-jarige meiden geeft aan dat dit is omdat ze zwanger zijn of willen worden. Ook zegt nog ongeveer een op de zes dat ze geen voorbehoedsmiddelen willen gebruiken. Onder ‘andere redenen’ wordt vaak genoemd ‘Ik heb last van bijwerkingen’.
  • 8% van de seksueel actieve vrouwen tussen de 18 en 50 jaar die niet zwanger willen worden, gebruikt geen anticonceptie. Hier komen dezelfde redenen naar boven als bij de meiden in Seks onder je 25e. Daarnaast wordt onvruchtbaarheid (zelf of partner) als reden genoemd  (Seksuele Gezondheid in Nederland, 2017).
  • Bij de laatste onenightstand gebruikten 4 op de 10 mannen geen condoom. Zij liepen niet alleen risico op soa’s, maar mogelijk ook op onbedoelde zwangerschap (Seksuele Gezondheid in Nederland, 2017).
  • Twee op de vijf mensen die te maken krijgen met een ongeplande zwangerschap geven aan dat er wel anticonceptie werd gebruikt. Foutief gebruik (zoals pil vergeten) of mislukt gebruik (zoals condoom afgegleden) zijn hier vaak de oorzaak van (Seksuele Gezondheid in Nederland, 2017).
Bekijk de factsheet Ongewenste zwangerschappen van Fiom en Rutgers

Zorgen en misvattingen

De hormonen in anticonceptie zijn de belangrijkste reden waarom een groeiende groep vrouwen geen anticonceptie wil gebruiken. Die keuze is aan vrouwen zelf, maar soms zitten hier ook misvattingen of onterechte zorgen onder. Er gaat veel onjuiste informatie rond over anticonceptie. Bijvoorbeeld dat de hormonen in anticonceptie slecht voor je zouden zijn of dat je depressief wordt van de pil. Risico’s worden overschat, en het risico op zwangerschap wordt soms onderschat.

We hebben veel voorkomende zorgen en misvattingen op een rij gezet en geven betrouwbare informatie op basis van wetenschappelijk onderzoek en de praktijk. Bedoeld voor iedere professional die hiermee te maken krijgt en vragen of zorgen wil adresseren. Lees het hier.

Onbedoelde of ongeplande zwangerschap

  • Bij een ongeplande zwangerschap komt de zwangerschap onverwachts, deze is niet gepland. Een onbedoelde zwangerschap was niet de bedoeling. Een ongeplande of onbedoelde zwangerschap zijn beide niet per se ongewenst, maar er was geen sprake van regie over de kinderwens. Niet iedereen denkt bewust na of en wanneer een kind welkom is en neemt hiervoor maatregelen. Door onbeschermde seks, onjuist of inconsequent anticonceptiegebruik, maar ook door falen van de anticonceptie kan toch een zwangerschap ontstaan.
  • Alhoewel veel vrouwen en mannen in Nederland zich over het algemeen goed beschermen tegen een zwangerschap, raakt jaarlijks ongeveer 3% van de vrouwen ongepland en 2% ongewenst zwanger (Seksuele Gezondheid in Nederland 2017, Rutgers).

Risicofactoren voor onbedoelde zwangerschap

Een onbedoelde zwangerschap kan ontstaan als er sprake is van penis-in-vagina seks zonder anticonceptie, als de anticonceptiemethode niet goed wordt toegepast of als de anticonceptie faalt. Geen enkele anticonceptiemethode is 100% betrouwbaar. Een onbedoelde zwangerschap kan dus iedereen overkomen die penis-in-vagina seks heeft.

Voor optimale bescherming tegen onbedoelde zwangerschap is het zaak om goed voorbereid te zijn op mogelijk seksueel contact en tijdig anticonceptie te regelen, of seks zonder anticonceptie te weigeren. Kennis van hoe een zwangerschap kan ontstaan en juiste kennis van betrouwbare anticonceptiemethoden is essentieel. Soms is er wel sprake van kennis, maar is er weerstand tegen het gebruik van (hormonale) anticonceptie.

Wees alert op risicofactoren

Er kunnen veel factoren ten grondslag liggen aan een onbedoelde zwangerschap. Als zorgprofessional kun je niet alle factoren beïnvloeden, maar je kunt wel alert zijn of deze factoren een rol spelen en dan extra ondersteuning bieden:

Kennis/begrip

  • Onvoldoende kennis over de menstruatiecyclus en hoe je zwanger raakt
  • Risico op een zwangerschap wordt te laag ingeschat
  • Consequenties van het hebben van een kind niet overzien
  • Onvoldoende kennis van anticonceptie en hoe je anticonceptie goed gebruikt
  • Mythes en misvattingen over anticonceptie
  • Laag geletterdheid
  • Taalbarrière
  • Beperkte gezondheidsvaardigheden
  • (Licht) verstandelijke beperking

Andere persoonlijke factoren

  • Jongeren die vroeg beginnen met seks beschermen zich vaak minder goed
  • Geen anticonceptie met hormonen willen gebruiken vanwege angst voor of ervaringen met bijwerkingen
  • Geen anticonceptie met hormonen willen gebruiken om de natuurlijke hormonale schommelingen te behouden
  • Regelmatig switchen van anticonceptie
  • Sterke afhankelijkheid van de partner, druk of dwang bij seks
  • Niet weerbaar zijn en niet kunnen onderhandelen over wensen en grenzen
  • Stereotype gendernormen en gendergedrag (man hoort te zorgen voor een condoom, vrouw voor anticonceptie)
  • Ambivalente kinderwens (eigenlijk best wel een kindje willen)

Contextfactoren

  • Psychische problemen, verslaving, dakloos, multi-problematiek
  • Armoede en schulden
  • Veel problemen in het gezin
  • Wantrouwen naar hulpverlening
  • Seksualiteit/seks voor het huwelijk en abortus zijn taboe
  • Druk vanuit religie of cultuur (en partner en omgeving) op het krijgen van kinderen
  • Tienermoeders in omgeving

Ongewenste zwangerschap

Een ongewenste zwangerschap is een zwangerschap tegen de wil of wens van een vrouw en/of partner. Bij een ongewenste zwangerschap wordt vaak gekozen voor een zwangerschapsafbreking. Er kan ook gekozen worden voor pleegplaatsing of afstand ter adoptie. Bij het maken van een keuze spelen meerdere factoren een rol.

Abortus

    • Een abortus is een zwangerschapsafbreking. In Nederland kan een vrouw een zwangerschap afbreken tot 24 weken. In de praktijk wordt dit tot maximaal 22 weken gedaan.
    • Sinds 2011 schommelt het aantal zwangerschapsafbrekingen in Nederland rond de 30.000 per jaar. Het aandeel van vrouwen die hiervoor naar Nederland komen, is ongeveer 10%. Samen met Denemarken behoort Nederland tot de landen in Europa met het laagste aantal abortussen (IGJ, 2021).
    • De meeste abortussen vinden plaats bij vrouwen tussen de 25 en 35 jaar (IGJ, 2021).
    • De helft van de vrouwen die een zwangerschap afbreekt heeft al één of meer kinderen. Een derde heeft ervaring met één of meer abortussen (IGJ, 2021).
    • De meerderheid (64%) van alle zwangerschapsafbrekingen vindt plaats in de eerste 8 weken van de zwangerschap, en 21% tussen de 8 en 12 weken. 15% van de zwangerschapsafbrekingen gebeurt in het tweede trimester, 2,7% tussen 20 en 23 weken, veelal na prenatale diagnostiek en op medische indicatie (IGJ, 2021).
Ik zie mensen die mogelijk risico lopen op onbedoelde zwangerschap. Wat kan ik doen?

Of je nu werkt in de zorg of in het sociale domein, je kunt als professionals een rol pakken in het voorkomen van onbedoelde zwangerschappen.

Tips voor een pro-actief gesprek over kinderwens en anticonceptie

Uw browser (Internet Explorer 11) is verouderd en wordt niet meer ondersteund. Hierdoor werkt deze website mogelijk niet juist. Installeer Google Chrome of update uw browser voor meer internetveiligheid en een beter weergave.