Uw browser (Internet Explorer 11) is verouderd en wordt niet meer ondersteund. Hierdoor werkt deze website mogelijk niet juist. Installeer Google Chrome of update uw browser voor meer internetveiligheid en een beter weergave.

Zoeken

Hulp bij onbedoelde zwangerschap

Is een cliënt onbedoeld zwanger geraakt? Of merk je dat een cliënt helemaal niet zo blij is met een zwangerschap? Is de vrouw bijvoorbeeld erg vermoeid of pas bevallen? Pols of de zwangerschap gewenst is. Misschien vind je dit een impertinente vraag, maar cliënten kunnen opgelucht zijn als je hiernaar informeert. Het kan zijn dat de vrouw er met niemand anders over kan praten.

Onbedoeld is niet altijd ongewenst

Bedenk dat een zwangerschap die onbedoeld was, niet per se ongewenst is. En dat een aanvankelijk ongewenste zwangerschap in een gewenste zwangerschap kan veranderen. Ook zijn er sociaal-culturele verschillen in hoe er tegen een zwangerschap wordt aangekeken. Het is belangrijk om je eigen oordeel over deze zwangerschap niet te laten meespelen in de begeleiding van de cliënt. De vrouw heeft het recht in vrijheid haar eigen keuze te maken of ze de zwangerschap wil uitdragen of afbreken.

‘Een vrouw nam haar man mee naar een consult om te vertalen. Maar hij wilde niet dat ze anticonceptie zou gebruiken. Ze denkt achteraf dat hij informatie voor haar verborgen heeft gehouden. Met als gevolg dat ze onbedoeld opnieuw zwanger raakte. Als een officiële tolk had vertaald, had dit voorkomen kunnen worden.’ Huisarts

Er kan ook spanning zitten tussen wat een client graag wil en wat jij als professional vanuit een medische, sociale, maatschappelijke of een gezondheidsvisie verantwoord vindt. Ook kunnen er zorgen zijn over de veiligheid en ontwikkeling van een kind. Natuurlijk heb je dan de taak om het gesprek aan te gaan over de consequenties van de zwangerschap en het krijgen en opvoeden van een kind.

‘Ze overziet niet dat ze straks drie kleine kinderen heeft, terwijl ze nu voor twee kinderen al niet kan zorgen.’ Jeugdhulpverlener

Gevolgen van een onbedoelde of ongewenste zwangerschap

Een onbedoelde of ongewenste zwangerschap brengt lastige keuzen en vaak stress met zich mee. Iemand staat voor de keuze om de zwangerschap uit te dragen, een kind te krijgen of een zwangerschap af te breken. Dat zijn geen gemakkelijke keuzen. Ook kan de partner of de omgeving het niet eens zijn met de keuze of dwang of druk uitoefenen. Soms heeft de cliënt niemand in de omgeving om over de onbedoelde of ongewenste zwangerschap te praten en advies te vragen bij een keuze.

‘Soms hebben ze gehoord dat je van abortus minder vruchtbaar wordt en kiezen daarom niet voor een abortus.’ Jongerenwerker

Ook kunnen gevolgen voor een kind, die aanvankelijk ongepland of ongewenst was groot zijn. Dit is vooral het geval een kind in kwetsbare omstandigheden opgroeit, de omstandigheden niet optimaal zijn en of de ouder(s) niet goed voor een kind kunnen zorgen. In sommige situaties zijn er ook risico’s op verwaarlozing of geweld. Het is belangrijk als professional om deze risico’s samen met de cliënt goed in te schatten.

Als de zwangerschap niet gewenst is

Is de zwangerschap ongewenst? Bespreek hoelang de cliënt al zwanger is en wanneer ze haar laatste menstruatie had. Vraag of ze zeker weet dat de zwangerschap ongewenst is of dat ze twijfelt en meer hulp wil.

‘Als een man zegt ik wil meer kinderen dan is het lastig, dan moet ze dat eigenlijk gewoon doen. Dit komt voort niet alleen uit onze cultuur maar ook onze religie. Hij kan niet zeggen ‘dat moet van onze religie’, maar je moet met hem erover praten. Je kan niet zelf als vrouw hierover beslissen.’ Vrouw uit Eritrea

Vraag of de cliënt behoefte heeft aan informatie over keuzemogelijkheden bij ongewenste zwangerschap. Iedereen heeft recht op complete informatie om een eigen keuze te kunnen maken. Ga er niet vanuit dat abortus geen optie is.

Bij een onbedoelde zwangerschap zijn er vier mogelijkheden:

  1. De zwangerschap uitdragen en het kind zelf opvoeden.
  2. Pleeggezin: de zwangerschap uitdragen en het kind niet zelf opvoeden, maar afstaan aan een pleeggezin. In dit geval kunnen de ouders wel contact houden met het kind.
  3. Adoptie: de zwangerschap uitdragen en het kind niet zelf opvoeden, maar afstaan ter adoptie.
  4. De zwangerschap afbreken met een abortus.

Voor huisartsen is er een leidraad voor begeleiding bij onbedoelde zwangerschap.

Als een cliënt nog twijfelt of hulp nodig heeft bij een weloverwogen keuze, kun je haar verwijzen naar www.onbedoeldzwanger.info. Hier is 24/7 contact mogelijk met hulpverleners van Fiom, via chat of telefonisch: 0800 6160. Zij kunnen ook verwijzen naar hulp in de buurt.

Organisaties als Siriz, Schreeuw om Leven en Er is hulp bieden ook hulp bij onbedoelde zwangerschap, maar dit zijn anti-abortus organisaties en dus niet neutraal. Wijs je cliënt daarop.

De behandelopties bij abortus

Kiest een cliënt voor een abortus, dan zijn er verschillende mogelijkheden, mede afhankelijk van de duur van de zwangerschap.

Tot en met 16 dagen overtijd, oftewel een zwangerschapsduur van maximaal 6 weken en 2 dagen, kan de vrouw een overtijdbehandeling krijgen. Bij een overtijdbehandeling geldt niet de verplichte 5 dagen bedenktijd. De zwangerschap kan worden afgebroken met de ‘abortuspil’ of een vacuümaspiratie.

Abortuspil: tot 9 weken zwangerschap

De abortuspil bestaat uit twee verschillende medicijnen, Mifepriston en Misoprostol.

Op de eerste dag krijgt de vrouw Mifepriston in de kliniek. Dit medicijn zorgt ervoor dat de eigen zwangerschapshormonen niet meer werken. Zo begint de abortus. Meestal merk een client niets na inname. Soms krijgt een client al wat bloedverlies en buikpijn. Binnen één of twee dagen na bezoek aan de arts, neemt de client Misoprostol in via de mond of via de vagina. De medicatie veroorzaakt buikkramen en bloedingen. De duur en heftigheid hiervan verschilt per vrouw en kan een paar dagen tot een paar weken duren. Andere bijwerkingen kunnen misselijkheid en diarree zijn. Dat zijn normale bijverschijnselen van het medicijn.

Vacuümaspiratie (voorheen zuigcurettage)

Bij een vacuümaspiratie wordt de inhoud van de baarmoederholte met een heel dun plastic buisje leeggezogen. De baarmoedermond wordt gedesinfecteerd en plaatselijk verdoofd. Daarna wordt de baarmoedermond iets opgerekt zodat er een plastic zuigbuisje kan worden ingebracht. Met dit buisje wordt de vrucht weggezogen. De cliënt voelt dan waarschijnlijk een vrij hevige, maar korte menstruatiekramp. Bij sommige klinieken kan ook gekozen worden voor een roesje (sedatie). De ingreep duurt bij elkaar vijf tot vijftien minuten. Eventueel kan ervoor gekozen worden om tijdens de ingreep een spiraaltje te laten plaatsen. Na afloop kan de cliënt enkele dagen last hebben van buikkrampen. Ook kan zij bloed verliezen, ongeveer net zoveel als bij een normale menstruatie. De duur en heftigheid verschilt per vrouw.

Vanaf 13 tot 22 weken zwangerschap

Bij een zwangerschap langer dan 9 weken, wordt er geen abortuspil meer voorgeschreven. De behandeling kan langer duren en soms zijn er meer onderzoeken nodig. Na de zwangerschapsafbreking, is het vaak nodig om langer in de abortuskliniek te blijven om uit te rusten. Overnachten is vrijwel nooit nodig. Een late zwangerschapsafbreking is niet in alle abortusklinieken mogelijk. Kijk hiervoor op het overzicht van abortusklinieken. Hier kun je ook lezen tot welke termijn de abortus nog mogelijk is.

Hoe kan ik een volgende onbedoelde of ongewenste zwangerschap voorkomen?

Lees hoe je een volgende ongewenste of onbedoelde zwangerschap helpt voorkomen.

Nazorg na een ongewenste zwangerschap

Gerelateerd