Uw browser (Internet Explorer 11) is verouderd en wordt niet meer ondersteund. Hierdoor werkt deze website mogelijk niet juist. Installeer Google Chrome of update uw browser voor meer internetveiligheid en een beter weergave.

Zoeken

Seksualiteitsbeleid maken

Hoe waarborg je de privacy van je cliënten? Hoe bescherm je medewerkers en cliënten tegen ongewenst gedrag? Wat is de procedure na een incident? Hoe zorg je dat al jouw cliënten over de juiste informatie beschikken? Deze vragen beantwoord je in je seksualiteitsbeleid.

Hoe het beleid er precies uitziet zal per zorgorganisatie verschillend zijn, afhankelijk van de thema’s die spelen en de werkwijze. Hieronder vind je een aantal randvoorwaarden en algemene kaders die je kunnen helpen bij het ontwikkelen van een seksualiteitsbeleid voor jouw zorgorganisatie.

Seksualiteitsbeleid maken in zorgorganisaties

Hoe maak je een seksualiteitsbeleid in zorgorganisaties?

Positieve seksualiteitsbeleving mogelijk maken

Een open klimaat waarin seksualiteit bespreekbaar is, toegang tot informatie en ondersteuning, hulp bij seksuele problemen en afspraken over privacy en geoorloofd gedrag zijn belangrijke elementen om mogelijkheden te creëren voor een seksueel actief leven.

Voorkomen van risicovol seksueel gedrag

Niemand zit te wachten op ongewenste zwangerschap, hiv of soa’s en pesterijen. Structurele aandacht voor wensen en grenzen, seksuele voorlichting en toegang tot zorg en diensten met betrekking tot seksuele gezondheid verkleinen de risico’s.

Voorkomen van seksueel grensoverschrijdend gedrag

Duidelijke regels, het verhogen van de weerbaarheid en een laagdrempelig aanspreekpunt voor klachten en hulp zijn hierin belangrijke factoren. Daarnaast is het van belang dat je vastlegt hoe je omgaat met incidenten: duidelijk omschreven maatregelen na een incident, aandacht voor de opvolging van een incident op langere termijn en een evaluatie van de werkwijze na incidenten.

Elementen van seksualiteitsbeleid

In het seksualiteitsbeleid vertaal je de uitgangspunten die je in je visie hebt beschreven naar concrete beleidsmaatregelen. Elk soort instelling heeft natuurlijk zijn eigen terminologie en organisatieprincipes. We noemen hier een aantal hoofdlijnen en aandachtspunten.

Begeleiding

• Hoe begeleid je jongeren bij hun seksuele en relationele opvoeding?
• Hoe creëer je een open klimaat waarin seksualiteit bespreekbaar is?
• Hoe ga je om met controversiële onderwerpen, zoals porno?
• Hoe organiseer je geplande aandacht voor het thema seksualiteit?
• Hoe creëer je voldoende ruimte en deskundigheid om ad hoc aandacht te besteden aan relaties en seksualiteit?

Behandeling

• Welke individuele behandeldoelen kunnen worden geformuleerd met betrekking tot relaties en seksualiteit?
• Hoe ga je structureel aandacht geven aan het onderwerp in intakegesprekken en screening?

Onderwijs

• Wat hebben medewerkers over seksualiteit geleerd in hun beroepsopleidingen?
• Wat is een wenselijk aanbod aan bij- en nascholing voor medewerkers?
• Krijgen jongeren voldoende mee via hun scholen of is intensievere aandacht vanuit de instelling nodig?
• Hoe kan de organisatie toetsen of cliënten en medewerkers voldoende kennis en vaardigheden hebben?
• Kiest de organisatie voor specifieke aandachtsfunctionarissen? Wat is hun rol?

Medische zorg

• In hoeverre raakt de medische begeleiding ook het terrein van seksualiteit en lichaamsbeleving?
• Is er behoefte aan medische begeleiding van seksuele problemen?
• Welke effecten kunnen er zijn bij dagelijkse verzorging van cliënten?
• Hoe waarborg je de privacy van cliënten?

Maak duidelijke afspraken over taken en verantwoordelijkheden

Niet alle medewerkers van jouw instelling hoeven over specialistische kennis over seksualiteit te beschikken. Jij kunt verschillende rollen onderscheiden, zodat het voor iedereen duidelijk is wat er van hem of haar verwacht wordt.

Het management

Het management ontwikkelt, in samenwerking met medewerkers en cliënten, een visie en beleid en implementeert deze in de instelling. Dit geeft richting aan het dagelijks handelen voor medewerkers, cliënten en verwanten.

Medewerkers

Alle medewerkers met zorgtaken zijn in staat simpele vragen over seksualiteit te beantwoorden, ad hoc voorlichting te geven en ongewenst gedrag te signaleren. Jij kunt bevorderen dat je medewerkers beschikken over de juiste kennis, houding en vaardigheden om seksualiteit met cliënten te kunnen bespreken en seksueel gedrag te kunnen signaleren en beoordelen.

Aandachtsfunctionaris

Om jouw medewerkers te ondersteunen, kun je een of meer aandachtsfunctionarissen aanstellen. Als jouw medewerkers geen antwoord hebben op een vraag van een cliënt kunnen ze hem of haar naar deze aandachtsfunctionaris doorverwijzen. Zo kan men intern altijd doorverwijzen naar iemand die de vraag wel kan beantwoorden. De aandachtsfunctionaris verwijst cliënten zo nodig door naar een externe deskundige. Het aanstellen van een aandachtsfunctionaris kan echter ook een nadeel hebben. Het kan gebeuren dat andere medewerkers het bespreekbaar maken van seksualiteit hierdoor minder tot hun verantwoordelijkheid rekenen. Het is daarom belangrijk dat voor iedereen duidelijk is wat zijn of haar verantwoordelijkheid is.

Cliënten en hun verwanten

De behoeftes en hulpvragen van cliënten vormen belangrijke input bij het ontwikkelen van een visie en beleid. Ook hun ouders, verzorgers en andere verwanten kunnen vragen en zorgen hebben, die je in het beleid kunt meenemen. Aandacht hiervoor verbetert het beleid en zorgt voor meer draagvlak onder cliënten en hun verwanten.

(Bron: Deze indeling is gebaseerd op het PLISSIT-model van Jack S. Annon)

Meer over beleid maken